Please ensure Javascript is enabled for purposes of website accessibility

Blijf op de hoogte

Overzicht

Verbinding boven inhoud

Blogpost 26 May 2026

Op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’ werden congresdeelnemers ingedeeld op generaties. Een blik op de auteurs van het congresboek riep bij Sioo de behoefte op om er voor te zorgen dat ook het perspectief van de generatie die nog lang aan het vakgebied verbonden zal blijven, aan het woord te laten. Daarom nodigde Sioo een aantal representanten van de generatie ‘Y’ uit, met de vraag om na afloop hun indruk te geven van het congres en hun blik op de ontwikkeling van het vakgebied. De derde die ik sprak in deze bescheiden reeks was Frans Gruijthuijsen, Principal Consultant bij Derksen & Drolsbach (D&D).

Voor Frans Gruijthuijsen lag de echte waarde van het congres niet in nieuwe modellen of theorieën, maar in wat er tussen mensen gebeurde. In de energie die ontstond wanneer mensen elkaar écht ontmoeten. Voor hem werd opnieuw zichtbaar hoe belangrijk relaties zijn om beweging mogelijk te maken in organisaties én in complexe maatschappelijke vraagstukken.

“Het voelde bijna alsof ik thuiskwam,” zegt hij over de workshop van Marijke Spanjersberg. Vooral de eenvoud van haar boodschap raakte hem. “De kwaliteit van de relatie bepaalt de acceptatie van de inhoud. Dat vond ik waanzinnig sterk.” Hoewel hij haar gedachtegoed al kende, maakte juist het opnieuw horen ervan indruk. “Het was niet nieuw voor mij, maar het was zó inspirerend om daar weer mee in aanraking te komen. Dat besef van hoe belangrijk verbinding is, dat kwam de hele dag terug.”

Een congres vol dynamiek en ontmoeting
De workshops die Frans volgde verrasten hem niet echt door de inhoud maar  wel door de dynamiek tussen de mensen die ze verzorgden. “Ik kende de oude garde natuurlijk al,” zegt hij lachend, verwijzend naar bekende namen uit het vakgebied. “Maar ik vond het prachtig om te zien hoe verschillende generaties samen optrokken.” Ervaren veranderaars werkten samen met jongere professionals. “Mensen vulden elkaar echt aan: de één bracht verdieping, de ander maakte het concreet, weer een ander hielp aanscherpen”.

Een sessie rond Stem van de Natuur van Robin Hill maakte indruk, juist doordat perspectieven naast elkaar mochten bestaan. “Hier kreeg de natuur als medespeler letterlijk een stem tussen alle aanwezige generaties. Voor mij een voorbeeld hoe je verschillende perspectieven ruimte kunt geven .” Ook de sfeer van de dag speelde daarin mee. “Het plezier spatte er echt vanaf,” zegt hij. “Dat voel je gewoon met vijfhonderd veranderaars bij elkaar.”

Tussen inspiratie en ongemak
Tegelijkertijd zag hij ook iets anders gebeuren. Juist op een congres vol veranderkundigen viel hem op hoe snel en makkelijk professionals weer in inhoudelijke stellingnames schieten. “In sommige groepen dacht ik halverwege: wie luistert hier nu eigenlijk echt?” vertelt hij. “Dan vliegen de meningen over tafel en lijkt iedereen vooral bezig te laten zien wat hij weet.” Dat riep weerstand op. “Dan denk ik: waar zijn we nou werkelijk nieuwsgierig naar? Naar elkaar of naar ons eigen verhaal?” Juist dat maakte voor hem scherper waar het volgens hem om draait: niet de expertrol, maar samen durven  onderzoeken. “Ik geloof echt dat we nog veel te weinig oprecht naar elkaar luisteren.”

Veranderen vraagt om vertragen
Waar organisaties vaak versnellen zodra verandering nodig is, pleit hij juist voor vertraging. Niet als doel op zich, maar om scherper te begrijpen wat er werkelijk speelt. “Durf voldoende te vertragen aan de voorkant,” zegt hij. “Soms moet je het eerst ongemakkelijk durven maken voordat je echt verder kunt.”Volgens hem organiseren organisaties vaak hun eigen teleurstelling door voortdurend vooruit te willen kijken. Terwijl juist terugkijken zichtbaar maakt hoeveel er al veranderd ís. “Laten we eens over onze schouder kijken,” zegt hij. “Wat is er eigenlijk allemaal wel gelukt? Mensen vergeten vaak hoeveel beweging er al is ontstaan.”

Klein, kleiner, kleinst
Een overtuiging die steeds sterker voelt: verandering wordt te groot gemaakt. Te abstract. Te meeslepend. “We zijn continu bezig met grote problematiek,” zegt hij. “Maar ik kijk juist naar: wat is de kleinste interventie die je hier kunt doen? Wat is het eerste stapje dat je kunt zetten?” Duurzame verandering ontstaat volgens hem niet door grote plannen, maar doordat organisaties zelf leren bewegen. “Het gaat erom hoe je de organisatie activeert, zodat het niet meteen weer instort als jij wegloopt.” Daar hoort ook een morele vraag bij: maak je het niet eerst erger? Frans verwijst naar het ‘do no harm’-principe uit conflictgebieden. “Als je ergens binnenkomt om verandering te creëren, observeer dan eerst goed en probeer geen extra schade te veroorzaken. Want hoewel onbedoeld, gebeurt dat in veel gevallen vaak wel. Pas daarna kun je kijken hoe je kan helpen om te verbeteren.”

“We luisteren nog te weinig met oprechte interesse naar elkaar”
Aan het einde van het gesprek komt hij terug bij wat hem het meest bezighoudt: het vermogen om werkelijk naar elkaar te luisteren. “Ik geloof dat we in deze wereld nog veel te weinig oprecht naar elkaar luisteren. We reageren te snel vanuit ons eigen perspectief”, zegt hij. “Terwijl er zoveel te winnen is als je probeert te begrijpen waarom iemand iets anders denkt.” Dat vraagt om ongemak verdragen, om vertraging, om nieuwsgierigheid en vooral om verbinding boven inhoud te blijven zetten.

“Als je over je eigen beelden heen durft te kijken, kun je in elke context beweging creëren.”

(Op de foto’s Frans Gruijthuijsen op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’)

Op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’ werden congresdeelnemers ingedeeld op generaties. Een blik op de auteurs van het congresboek riep bij Sioo de behoefte op om er voor te zorgen dat ook het perspectief van de generatie die nog lang aan het vakgebied verbonden zal blijven, aan het woord te laten. Daarom nodigde Sioo een aantal representanten van de generatie ‘Y’ uit, met de vraag om na afloop hun indruk te geven van het congres en hun blik op de ontwikkeling van het vakgebied. De derde die ik sprak in deze bescheiden reeks was Frans Gruijthuijsen, Principal Consultant bij Derksen & Drolsbach (D&D).

Voor Frans Gruijthuijsen lag de echte waarde van het congres niet in nieuwe modellen of theorieën, maar in wat er tussen mensen gebeurde. In de energie die ontstond wanneer mensen elkaar écht ontmoeten. Voor hem werd opnieuw zichtbaar hoe belangrijk relaties zijn om beweging mogelijk te maken in organisaties én in complexe maatschappelijke vraagstukken.

“Het voelde bijna alsof ik thuiskwam,” zegt hij over de workshop van Marijke Spanjersberg. Vooral de eenvoud van haar boodschap raakte hem. “De kwaliteit van de relatie bepaalt de acceptatie van de inhoud. Dat vond ik waanzinnig sterk.” Hoewel hij haar gedachtegoed al kende, maakte juist het opnieuw horen ervan indruk. “Het was niet nieuw voor mij, maar het was zó inspirerend om daar weer mee in aanraking te komen. Dat besef van hoe belangrijk verbinding is, dat kwam de hele dag terug.”

Een congres vol dynamiek en ontmoeting
De workshops die Frans volgde verrasten hem niet echt door de inhoud maar  wel door de dynamiek tussen de mensen die ze verzorgden. “Ik kende de oude garde natuurlijk al,” zegt hij lachend, verwijzend naar bekende namen uit het vakgebied. “Maar ik vond het prachtig om te zien hoe verschillende generaties samen optrokken.” Ervaren veranderaars werkten samen met jongere professionals. “Mensen vulden elkaar echt aan: de één bracht verdieping, de ander maakte het concreet, weer een ander hielp aanscherpen”.

Een sessie rond Stem van de Natuur van Robin Hill maakte indruk, juist doordat perspectieven naast elkaar mochten bestaan. “Hier kreeg de natuur als medespeler letterlijk een stem tussen alle aanwezige generaties. Voor mij een voorbeeld hoe je verschillende perspectieven ruimte kunt geven .” Ook de sfeer van de dag speelde daarin mee. “Het plezier spatte er echt vanaf,” zegt hij. “Dat voel je gewoon met vijfhonderd veranderaars bij elkaar.”

Tussen inspiratie en ongemak
Tegelijkertijd zag hij ook iets anders gebeuren. Juist op een congres vol veranderkundigen viel hem op hoe snel en makkelijk professionals weer in inhoudelijke stellingnames schieten. “In sommige groepen dacht ik halverwege: wie luistert hier nu eigenlijk echt?” vertelt hij. “Dan vliegen de meningen over tafel en lijkt iedereen vooral bezig te laten zien wat hij weet.” Dat riep weerstand op. “Dan denk ik: waar zijn we nou werkelijk nieuwsgierig naar? Naar elkaar of naar ons eigen verhaal?” Juist dat maakte voor hem scherper waar het volgens hem om draait: niet de expertrol, maar samen durven  onderzoeken. “Ik geloof echt dat we nog veel te weinig oprecht naar elkaar luisteren.”

Veranderen vraagt om vertragen
Waar organisaties vaak versnellen zodra verandering nodig is, pleit hij juist voor vertraging. Niet als doel op zich, maar om scherper te begrijpen wat er werkelijk speelt. “Durf voldoende te vertragen aan de voorkant,” zegt hij. “Soms moet je het eerst ongemakkelijk durven maken voordat je echt verder kunt.”Volgens hem organiseren organisaties vaak hun eigen teleurstelling door voortdurend vooruit te willen kijken. Terwijl juist terugkijken zichtbaar maakt hoeveel er al veranderd ís. “Laten we eens over onze schouder kijken,” zegt hij. “Wat is er eigenlijk allemaal wel gelukt? Mensen vergeten vaak hoeveel beweging er al is ontstaan.”

Klein, kleiner, kleinst
Een overtuiging die steeds sterker voelt: verandering wordt te groot gemaakt. Te abstract. Te meeslepend. “We zijn continu bezig met grote problematiek,” zegt hij. “Maar ik kijk juist naar: wat is de kleinste interventie die je hier kunt doen? Wat is het eerste stapje dat je kunt zetten?” Duurzame verandering ontstaat volgens hem niet door grote plannen, maar doordat organisaties zelf leren bewegen. “Het gaat erom hoe je de organisatie activeert, zodat het niet meteen weer instort als jij wegloopt.” Daar hoort ook een morele vraag bij: maak je het niet eerst erger? Frans verwijst naar het ‘do no harm’-principe uit conflictgebieden. “Als je ergens binnenkomt om verandering te creëren, observeer dan eerst goed en probeer geen extra schade te veroorzaken. Want hoewel onbedoeld, gebeurt dat in veel gevallen vaak wel. Pas daarna kun je kijken hoe je kan helpen om te verbeteren.”

“We luisteren nog te weinig met oprechte interesse naar elkaar”
Aan het einde van het gesprek komt hij terug bij wat hem het meest bezighoudt: het vermogen om werkelijk naar elkaar te luisteren. “Ik geloof dat we in deze wereld nog veel te weinig oprecht naar elkaar luisteren. We reageren te snel vanuit ons eigen perspectief”, zegt hij. “Terwijl er zoveel te winnen is als je probeert te begrijpen waarom iemand iets anders denkt.” Dat vraagt om ongemak verdragen, om vertraging, om nieuwsgierigheid en vooral om verbinding boven inhoud te blijven zetten.

“Als je over je eigen beelden heen durft te kijken, kun je in elke context beweging creëren.”

(Op de foto’s Frans Gruijthuijsen op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’)