Op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’ werden congresdeelnemers ingedeeld op generaties. Een blik op de auteurs van het congresboek riep bij Sioo de behoefte op om er voor te zorgen dat ook het perspectief van de generatie die nog lang aan het vakgebied verbonden zal blijven, aan het woord te laten. Daarom nodigde Sioo een aantal representanten van de generatie ‘Y’ uit, met de vraag om na afloop hun indruk te geven van het congres en hun blik op de ontwikkeling van het vakgebied. De eerste die ik sprak in deze bescheiden reeks was Stacey Hulst, werkzaam als adviseur bij de Galan Groep.
Indruk van het congres
Stacey keek met interesse naar de diversiteit aan denkers en sprekers binnen de veranderkunde. Wat haar opviel, was hoeveel mensen zich al lange tijd met dit vakgebied bezighouden en daar duidelijke inzichten en visies over hebben ontwikkeld. De verschillende perspectieven en benaderingen maakten zichtbaar hoe breed en meerstemmig het veld is, en hoe iedereen vanuit een eigen invalshoek probeert bij te dragen aan het gesprek over veranderen. Dat op één dag een grote groep professionals samenkwam om over veranderkunde na te denken, gaf volgens Stacey vooral een goed beeld van de inhoudelijke rijkdom van het vak. “Met name het werken met een casus vond ik zinvol. Door theorie te koppelen aan een concrete situatie wordt zichtbaar waar knelpunten in de praktijk ontstaan. Veranderen gaat voor mij over het omgaan met complexiteit: uiteenlopende belangen, onzekerheden en spanningen tussen de korte en lange termijn. In de casus kwamen die aspecten samen.” Ook in de workshops die Stacey volgde, speelde casuïstiek een centrale rol. Dat helpt om abstracte theorieën beter te begrijpen en toepasbaar te maken. Wat na afloop vooral bleef hangen, was de waardering voor de waardevolle bijdrages van alle professionals en het besef dat veranderprocessen zelden eenduidig verlopen.
Reflectie op het vakgebied
In haar reflectie op het vakgebied merkt Stacey een spanningsveld tussen hoe veranderkunde wordt gedefinieerd en hoe verandering zich in de praktijk voltrekt. Kennis en legitimiteit liggen vaak bij theorieën, modellen en publicaties die door een relatief homogene groep zijn ontwikkeld en doorgegeven. De praktijk van veranderen speelt zich af in uiteenlopende contexten, met verschillende mensen die verandering ervaren, dragen en begeleiden. Die praktijk vormt een wezenlijk deel van het vak, maar is lang niet altijd zichtbaar of erkend in het dominante verhaal van de veranderkunde. Volgens Stacey ontstaat daardoor het risico van een gesloten bubbel: een vakgebied waarin vooral witte, hoogopgeleide professionals elkaar herkennen en bevestigen, en waarin andere perspectieven minder vanzelfsprekend doorklinken. “Ik merkte dat er op de dag zelf weinig ruimte was voor twijfel, voor het ‘niet weten’ en voor experimenteren. Juist de zoekende professionals, met voorlopige ideeën en open vragen, dragen bij aan vernieuwing van het vak.” Dat brengt haar bij een vraag die blijft hangen: hoe maken we de veranderkunde toegankelijker voor andere perspectieven en achtergronden, en hoe zorgen we ervoor dat ook deze vormen van kennis, ervaring en reflectie serieus worden genomen?
Met het faciliteren van zulke authentieke gesprekken wil Stacey haar bijdrage leveren aan een vakgebied dat opener en menselijker is.
“Voor mij ligt daar ook een persoonlijke opgave. De toekomst van het vak vraagt om professionals die bereid zijn onzekerheid te erkennen en eerlijk te reflecteren op wat zij belangrijk vinden en of zij daar daadwerkelijk naar handelen in de praktijk. Verandering ontstaat niet in sluitende antwoorden, maar in oprechte gesprekken: jezelf laten zien en de ander uitnodigen dat ook te doen.” – Stacey
(op de foto’s Stacey Hulst en Bregje van Stipdonk op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’)
Op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’ werden congresdeelnemers ingedeeld op generaties. Een blik op de auteurs van het congresboek riep bij Sioo de behoefte op om er voor te zorgen dat ook het perspectief van de generatie die nog lang aan het vakgebied verbonden zal blijven, aan het woord te laten. Daarom nodigde Sioo een aantal representanten van de generatie ‘Y’ uit, met de vraag om na afloop hun indruk te geven van het congres en hun blik op de ontwikkeling van het vakgebied. De eerste die ik sprak in deze bescheiden reeks was Stacey Hulst, werkzaam als adviseur bij de Galan Groep.
Indruk van het congres
Stacey keek met interesse naar de diversiteit aan denkers en sprekers binnen de veranderkunde. Wat haar opviel, was hoeveel mensen zich al lange tijd met dit vakgebied bezighouden en daar duidelijke inzichten en visies over hebben ontwikkeld. De verschillende perspectieven en benaderingen maakten zichtbaar hoe breed en meerstemmig het veld is, en hoe iedereen vanuit een eigen invalshoek probeert bij te dragen aan het gesprek over veranderen. Dat op één dag een grote groep professionals samenkwam om over veranderkunde na te denken, gaf volgens Stacey vooral een goed beeld van de inhoudelijke rijkdom van het vak. “Met name het werken met een casus vond ik zinvol. Door theorie te koppelen aan een concrete situatie wordt zichtbaar waar knelpunten in de praktijk ontstaan. Veranderen gaat voor mij over het omgaan met complexiteit: uiteenlopende belangen, onzekerheden en spanningen tussen de korte en lange termijn. In de casus kwamen die aspecten samen.” Ook in de workshops die Stacey volgde, speelde casuïstiek een centrale rol. Dat helpt om abstracte theorieën beter te begrijpen en toepasbaar te maken. Wat na afloop vooral bleef hangen, was de waardering voor de waardevolle bijdrages van alle professionals en het besef dat veranderprocessen zelden eenduidig verlopen.
Reflectie op het vakgebied
In haar reflectie op het vakgebied merkt Stacey een spanningsveld tussen hoe veranderkunde wordt gedefinieerd en hoe verandering zich in de praktijk voltrekt. Kennis en legitimiteit liggen vaak bij theorieën, modellen en publicaties die door een relatief homogene groep zijn ontwikkeld en doorgegeven. De praktijk van veranderen speelt zich af in uiteenlopende contexten, met verschillende mensen die verandering ervaren, dragen en begeleiden. Die praktijk vormt een wezenlijk deel van het vak, maar is lang niet altijd zichtbaar of erkend in het dominante verhaal van de veranderkunde. Volgens Stacey ontstaat daardoor het risico van een gesloten bubbel: een vakgebied waarin vooral witte, hoogopgeleide professionals elkaar herkennen en bevestigen, en waarin andere perspectieven minder vanzelfsprekend doorklinken. “Ik merkte dat er op de dag zelf weinig ruimte was voor twijfel, voor het ‘niet weten’ en voor experimenteren. Juist de zoekende professionals, met voorlopige ideeën en open vragen, dragen bij aan vernieuwing van het vak.” Dat brengt haar bij een vraag die blijft hangen: hoe maken we de veranderkunde toegankelijker voor andere perspectieven en achtergronden, en hoe zorgen we ervoor dat ook deze vormen van kennis, ervaring en reflectie serieus worden genomen?
Met het faciliteren van zulke authentieke gesprekken wil Stacey haar bijdrage leveren aan een vakgebied dat opener en menselijker is.
“Voor mij ligt daar ook een persoonlijke opgave. De toekomst van het vak vraagt om professionals die bereid zijn onzekerheid te erkennen en eerlijk te reflecteren op wat zij belangrijk vinden en of zij daar daadwerkelijk naar handelen in de praktijk. Verandering ontstaat niet in sluitende antwoorden, maar in oprechte gesprekken: jezelf laten zien en de ander uitnodigen dat ook te doen.” – Stacey
(op de foto’s Stacey Hulst en Bregje van Stipdonk op het congres ‘Veranderen voor de Toekomst’)