Mensen hebben verschillende leervoorkeuren. Manon Ruijters typeerde die leervoorkeuren in vijf categorieën. Mij helpt het om bij het ontwerpen van programma’s twee types op mijn netvlies te houden. De Denkers, die eindeloos kunnen praten over, abstraheren, conceptualiseren en de Doeners, die aan de slag willen. Beiden hebben iets te doen. Voor de Denkers vraagt ‘gaan doen’ moed. Voor de Doeners kost conceptualiseren moeite.
Onze programma’s bestaan uit een mix aan werkvormen en interventies die zorgen dat elke leervoorkeur aan zijn trekken komt en uitgedaagd wordt. Een programma is meer dan wat er tijdens de programmadagen gebeurt. Het echte leren zit tussen de bijeenkomsten in. Daar wordt toegepast. De bijeenkomsten kun je zien als de versnellers; de buitenboordmotoren van het leren. Daar komt nieuwe kennis aan de orde en worden experimenten bedacht die in de praktijk uitgevoerd worden en waarvan de bevindingen weer in de bijeenkomsten ingebracht worden.
Summerschools zijn fantastische programma’s. Het is heerlijk om jezelf een volle week onder te dompelen in een vakgebied. Het voordeel van de summerschool, een week weg uit je dagelijkse hectiek, is ook een nadeel. Experimenteren en uitproberen, oefenen in je eigen werkpraktijk is er even niet bij. Deelnemers verlaten de summerschools altijd met een hele set experimenten en interventies die ze kunnen uitvoeren en een netwerk van collega’s die als supportsysteem dienen.
Voor de nieuwe Summerschool Design Thinking voor Innovatie en Systeemdoorbraak vonden we bovenstaande toch tekortschieten. Daarom hebben we daar een extra lijn in geprogrammeerd; werken aan een collectief vraagstuk. Een vraagstuk dat voor iedereen nieuw is, maar waar iedereen zich wel makkelijk toe kan verhouden en zich wat bij voor kan stellen. Een vraagstuk waar de variëteit van deelnemers en dus kennis, ervaring en perspectieven van toegevoegde waarde is.
Die opgave hebben we gevonden. We werken al jaren intensief samen met SeedeDeBoer-Hieroo. Hieroo beschikt in een groot aantal steden over lokale adviseurs die werken aan de lokale maatschappelijke uitdagingen. Ze beschikken dan ook over enorm veel kennis over de lokale situatie en over een netwerk van de lokale spelers. Van de formele tot de informele, die juist voor lokale opgaven zo relevant zijn. Want als je uitzoomt, lijkt de werk-en-inkomensproblematiek in Nederland, of de problematiek in de zorg overal hetzelfde. Maar als je inzoomt, is die in Rotterdam-Zuid echt anders dan in Groningen of Amsterdam. De lokale adviseurs werken samen met de sector en vakspecialisten van SeederDeBoer aan die opgaven. Om samen vraagstukken van een organisatie te verbinden aan de opgaven in de wijk en de opgaven in de wijk te verbinden aan organisatievraagstukken. Vandaar dat juist de informele organisaties zo relevent zijn.
SeederDeBoer-Hieroo is vorig jaar een werkplaats gestart in Feijenoord (Rotterdam-Zuid). Daar verbinden ze burgers, formele en informele organisaties, en werken ze aan tal van vraagstukken. Van board-room issues tot grassroot vraagstukken. Met een voor die partijen relevant vraagstuk gaan wij aan de slag. De koppeling met de werkplaats maakt dat de organisaties samen verder kunnen met wat we in de week opleveren en achterlaten. Zo dragen we als collectief een steentje bij aan een relevante, maatschappelijke opgave.
Deze samenwerking levert een focus op om aan de slag te gaan en tijdens de summerschool te oefenen en experimenteren met tal van manieren van werken die relevant zijn voor de frame creation-methode. Zoals: anders observeren en op andere manieren onderzoek doen. Bovendien creëren we een ‘level playing field’ in de groep met deze casus om samen het frame creation-proces te doorlopen, de paradoxen te ontrafelen en tot thema’s en frames te komen. Want dat is echt een proces om door ervaring te leren. Pas als je het zelf aan den lijve ondervonden hebt, kun je starten met ermee experimenteren in je eigen praktijk. Alleen lezen over, of luisteren naar de voorbeelden van Kees Dorst werkt niet. Dan denk je ‘eitje’, en dat is het niet! Hoewel we naar Rotterdam gaan, past hier de uitspraak van de beroemde Amsterdamse opponent: je ziet het pas als je het doorhebt.
Door te reflecteren op het werken aan de gezamenlijke casus, het ervaren van nieuwe en andere manieren van werken en door te pendelen tussen de gezamenlijke casus en je eigen vraagstuk, maak je een beter plan om er na de summerschool in je eigen praktijk mee aan de slag te gaan en ben je daar beter op toegerust. Want het gaat niet om nadoen, maar om verinnerlijken en adaptief integreren in je overige handelingsrepertoire op een wijze die past bij jou als professional en die passend is bij de opgave en de context waarin jij werkt. Zonder de onderliggende principes en uitgangspunten geweld aan te doen, want die dragen bij aan de echte vernieuwing en de systeemdoorbraken. En het begrijpen daarvan is natuurlijk koren op de molen van de Denkers!
Bereid je dus voor op een summerschool met uitjes en ontmoetingen. Ik werd in het voorgesprek dat Kees Dorst, Bram van de Graaf, Yke Ntoane en ik hadden over de opgave en ideeën enthousiast over de plekjes en mogelijke activiteiten die we kunnen programmeren. Dat gaat op meerdere manieren leuk en leerzaam worden. De komende periode werken we aan de details. Bram en Yke bevragen de actoren van de werkplaats welk vraagstuk voor hen van waarde zou zijn, als wij daarmee aan de slag gaan. Zodat we iets oppakken waar ook echt behoefte aan is.
We houden je op de hoogte!
Wil je meer weten over de Summerschool Design Thinking voor Innovatie en Systeemdoorbraak? Bekijk de brochure voor meer informatie hier.
Mensen hebben verschillende leervoorkeuren. Manon Ruijters typeerde die leervoorkeuren in vijf categorieën. Mij helpt het om bij het ontwerpen van programma’s twee types op mijn netvlies te houden. De Denkers, die eindeloos kunnen praten over, abstraheren, conceptualiseren en de Doeners, die aan de slag willen. Beiden hebben iets te doen. Voor de Denkers vraagt ‘gaan doen’ moed. Voor de Doeners kost conceptualiseren moeite.
Onze programma’s bestaan uit een mix aan werkvormen en interventies die zorgen dat elke leervoorkeur aan zijn trekken komt en uitgedaagd wordt. Een programma is meer dan wat er tijdens de programmadagen gebeurt. Het echte leren zit tussen de bijeenkomsten in. Daar wordt toegepast. De bijeenkomsten kun je zien als de versnellers; de buitenboordmotoren van het leren. Daar komt nieuwe kennis aan de orde en worden experimenten bedacht die in de praktijk uitgevoerd worden en waarvan de bevindingen weer in de bijeenkomsten ingebracht worden.
Summerschools zijn fantastische programma’s. Het is heerlijk om jezelf een volle week onder te dompelen in een vakgebied. Het voordeel van de summerschool, een week weg uit je dagelijkse hectiek, is ook een nadeel. Experimenteren en uitproberen, oefenen in je eigen werkpraktijk is er even niet bij. Deelnemers verlaten de summerschools altijd met een hele set experimenten en interventies die ze kunnen uitvoeren en een netwerk van collega’s die als supportsysteem dienen.
Voor de nieuwe Summerschool Design Thinking voor Innovatie en Systeemdoorbraak vonden we bovenstaande toch tekortschieten. Daarom hebben we daar een extra lijn in geprogrammeerd; werken aan een collectief vraagstuk. Een vraagstuk dat voor iedereen nieuw is, maar waar iedereen zich wel makkelijk toe kan verhouden en zich wat bij voor kan stellen. Een vraagstuk waar de variëteit van deelnemers en dus kennis, ervaring en perspectieven van toegevoegde waarde is.
Die opgave hebben we gevonden. We werken al jaren intensief samen met SeedeDeBoer-Hieroo. Hieroo beschikt in een groot aantal steden over lokale adviseurs die werken aan de lokale maatschappelijke uitdagingen. Ze beschikken dan ook over enorm veel kennis over de lokale situatie en over een netwerk van de lokale spelers. Van de formele tot de informele, die juist voor lokale opgaven zo relevant zijn. Want als je uitzoomt, lijkt de werk-en-inkomensproblematiek in Nederland, of de problematiek in de zorg overal hetzelfde. Maar als je inzoomt, is die in Rotterdam-Zuid echt anders dan in Groningen of Amsterdam. De lokale adviseurs werken samen met de sector en vakspecialisten van SeederDeBoer aan die opgaven. Om samen vraagstukken van een organisatie te verbinden aan de opgaven in de wijk en de opgaven in de wijk te verbinden aan organisatievraagstukken. Vandaar dat juist de informele organisaties zo relevent zijn.
SeederDeBoer-Hieroo is vorig jaar een werkplaats gestart in Feijenoord (Rotterdam-Zuid). Daar verbinden ze burgers, formele en informele organisaties, en werken ze aan tal van vraagstukken. Van board-room issues tot grassroot vraagstukken. Met een voor die partijen relevant vraagstuk gaan wij aan de slag. De koppeling met de werkplaats maakt dat de organisaties samen verder kunnen met wat we in de week opleveren en achterlaten. Zo dragen we als collectief een steentje bij aan een relevante, maatschappelijke opgave.
Deze samenwerking levert een focus op om aan de slag te gaan en tijdens de summerschool te oefenen en experimenteren met tal van manieren van werken die relevant zijn voor de frame creation-methode. Zoals: anders observeren en op andere manieren onderzoek doen. Bovendien creëren we een ‘level playing field’ in de groep met deze casus om samen het frame creation-proces te doorlopen, de paradoxen te ontrafelen en tot thema’s en frames te komen. Want dat is echt een proces om door ervaring te leren. Pas als je het zelf aan den lijve ondervonden hebt, kun je starten met ermee experimenteren in je eigen praktijk. Alleen lezen over, of luisteren naar de voorbeelden van Kees Dorst werkt niet. Dan denk je ‘eitje’, en dat is het niet! Hoewel we naar Rotterdam gaan, past hier de uitspraak van de beroemde Amsterdamse opponent: je ziet het pas als je het doorhebt.
Door te reflecteren op het werken aan de gezamenlijke casus, het ervaren van nieuwe en andere manieren van werken en door te pendelen tussen de gezamenlijke casus en je eigen vraagstuk, maak je een beter plan om er na de summerschool in je eigen praktijk mee aan de slag te gaan en ben je daar beter op toegerust. Want het gaat niet om nadoen, maar om verinnerlijken en adaptief integreren in je overige handelingsrepertoire op een wijze die past bij jou als professional en die passend is bij de opgave en de context waarin jij werkt. Zonder de onderliggende principes en uitgangspunten geweld aan te doen, want die dragen bij aan de echte vernieuwing en de systeemdoorbraken. En het begrijpen daarvan is natuurlijk koren op de molen van de Denkers!
Bereid je dus voor op een summerschool met uitjes en ontmoetingen. Ik werd in het voorgesprek dat Kees Dorst, Bram van de Graaf, Yke Ntoane en ik hadden over de opgave en ideeën enthousiast over de plekjes en mogelijke activiteiten die we kunnen programmeren. Dat gaat op meerdere manieren leuk en leerzaam worden. De komende periode werken we aan de details. Bram en Yke bevragen de actoren van de werkplaats welk vraagstuk voor hen van waarde zou zijn, als wij daarmee aan de slag gaan. Zodat we iets oppakken waar ook echt behoefte aan is.
We houden je op de hoogte!
Wil je meer weten over de Summerschool Design Thinking voor Innovatie en Systeemdoorbraak? Bekijk de brochure voor meer informatie hier.